rise Holenderski

wymowa
zn. opslag, verhoging; stijging; opkomst
ww. opstaan; opgaan; stijgen

Przykładowe zdania

He wondered how many times the sun would rise before his salary would.
Hij vroeg zich af hoe vaak de zon nog op zou gaan, voordat hij een loonsverhoging zou krijgen.
wymowa wymowa wymowau Report Error!
Our hot-air balloon rose into the sky.
Onze heteluchtballon steeg op naar de hemel.
wymowa wymowa wymowau Report Error!
People rose in revolt against the King.
De mensen kwamen in opstand tegen de koning.
wymowa wymowa wymowau Report Error!
Prices continued to rise.
De prijsstijging bleef duren.
wymowa wymowa wymowau Report Error!
Prices go on rising.
De prijzen blijven stijgen.
wymowa wymowa wymowau Report Error!
Prices rose higher and higher.
De prijzen worden steeds hoger.
wymowa wymowa wymowau Report Error!
Rise and shine!
Sta op!
wymowa wymowa wymowau Report Error!
Rose petals are very soft.
Rozenblaadjes zijn heel zacht.
wymowa wymowa wymowau Report Error!
The cherry blossom is to Japan what the rose is to England.
De kersenbloesem is voor Japan wat de roos is voor Engeland.
wymowa wymowa wymowau Report Error!
The cost of living has risen.
Het leven is duurder geworden.
wymowa wymowa wymowau Report Error!

Synonimy

1. promotion: advance, elevation
2. ascent: upsurge, mounting, rising, upgrade
3. increase: intensifying, swelling, enlargement, inflation, acceleration, augmentation, addition
4. source: beginning, origin, start, commencement
5. arise: get up, stand up
6. oppose: resist, revolt, rebel
7. happen: occur
8. begin: originate, arise, emerge, emanate, proceed, issue



© dictionarist.com